Print     PDF

2912 4900 10

3-fenoxybenzaldehyde (CAS RN 39515-51-0)
› Omschrijving

aldehydethers, aldehydfenolen en aldehyden met andere zuurstofhoudende groepen (m.u.v. ethylvanilline '3-ethoxy-4-hydroxybenzaldehyd' en vanilline '4-hydroxy-3-methoxybenzaldehyd')

Recht derde landen
5,5%
Preferentiële en Aanvullende rechten
BTW
21%
Schorsingen
Uitvoerregelingen
1
Toelichting IDR

Aldehyden ontstaan door de oxidatie van primaire alcoholen: zij bevatten de karakteristieke groep

Zij bestaan gewoonlijk uit kleurloze vloeistoffen met een sterke doordringende geur; vele aromatische aldehyden worden bij aanraking met lucht gemakkelijk geoxideerd onder vorming van zuren.

Onder ‘aldehyden met andere zuurstofhoudende groepen’ worden aldehyden verstaan, die een of meer zuurstofhoudende groepen bevatten, zoals alcoholen, fenolen, ethers, enz., waarnaar in de voorgaande onderdelen van hoofdstuk 29 wordt verwezen.

A. Aldehyden

I. Verzadigde acyclische aldehyden

Hiervan kunnen worden genoemd:

1. methanal (formaldehyde), HCHO. Dit product wordt verkregen door katalytische oxidatie van methanol. De verbinding is een kleurloos gas met een doordringende geur en is zeer goed oplosbaar in water. De waterige oplossing met een gehalte van ongeveer 40%, die bekend is onder de naam formaline en formol, bestaat uit een kleurloze vloeistof met een doordringende verstikkende geur; deze oplossing kan methanol als stabilisator bevatten. Methanal wordt voor talrijke doeleinden gebruikt: voor organische synthese (vervaardiging van kleurstoffen, springstoffen, farmaceutische producten, synthetische looistoffen, kunststoffen, enz.), als ontsmettingsmiddel, als reductiemiddel, enz.;

2. ethanal (aceetaldehyde), CH3CHO. Dit product wordt verkregen door oxidatie van ethanol of uit acetyleen. De verbinding bestaat uit een kleurloze, beweeglijke vloeistof met een scherpe geur, die enigszins op die van vruchten lijkt. Zij is bijtend, zeer vluchtig, ontvlambaar en is mengbaar met water, alcohol en ether. Zij wordt gebruikt voor organische synthese (vervaardiging van kunststoffen, kunstharsen, vernissen, enz.) en als ontsmettingsmiddel in de geneeskunde;

3. butanal (butyraldehyde) n-isomeer, CH3CH2CH2CHO. Dit is een kleurloze vloeistof, mengbaar met water, alcohol en ether. Zij wordt gebruikt voor de vervaardiging van kunststoffen, parfums en rubbervulkanisatieversnellers;

4. heptanal (heptaldehyde), CH3(CH2)5CHO. Dit wordt verkregen door distillatie van ricinusolie. Het is een kleurloze vloeistof met een doordringende geur;

5. octanal (caprylaldehyde), C8H16O; nonanal (pelargonaldehyde), C9H18O; decanal (caprinealdehyde), C10H20O; undecanal (undecylaldehyde), C11H22O; dodecanal (lauraldehyde), C12H24O, enz. Dit zijn grondstoffen voor de vervaardiging van kunstmatige reukstoffen.

II. Onverzadigde acyclische aldehyden

Genoemd kunnen worden:

1. propenal (acrylaldehyde, acroleïne), CH2=CHCHO. Dit wordt gevormd bij verhitting van vetten. Het is een vloeistof met een karakteristieke scherpe en prikkelende geur. Zij wordt gebruikt voor organische synthese;

2. 2-butenal (crotonaldehyde), CH3CH=CHCHO. Dit komt voor in laagkokende distillatiefracties van ruwe alcohol. Het is een kleurloze vloeistof met een doordringende geur;

3. citral. Dit is een vloeistof met een aangename geur, die voorkomt in mandarijnolie, cederappelolie, citroenolie en vooral in lemongrassolie;

4. citronellal. Dit is een bestanddeel van cederappelolie.

III. Aldehyden van cycloalkanen, van cycloalkenen of van cycloterpenen

Genoemd kunnen worden:

1. fellandral of tetrahydrokomijnaldehyde, een bestanddeel van venkel- en eucalyptusolie;

2. alfa- en beta-cyclocitralen. Deze worden vervaardigd uit citral;

3. perillaäldehyde. Dit is een bestanddeel van de etherische olie van Perilla mankinensis;

4. safranal.

IV. Aromatische aldehyden

Genoemd kunnen worden:

1. benzaldehyde, C6H5CHO. Dit is een kleurloze, sterk lichtbrekende vloeistof met een karakteristieke geur naar bittere-amandelolie. Zij wordt gebruikt voor organische synthese, in de geneeskunde, enz.;

2. cinnamaldehyde, C6H5CH=CHCHO. Dit is een geelachtige olieachtige vloeistof met een sterke kaneelgeur. Zij wordt gebruikt voor de vervaardiging van kunstmatige reukstoffen;

3. alfa-amylcinnamaldehyde;

4. 3-p-cumenyl-2-methylpropionaldehyde;

5. fenylaceetaldehyde, C6H5CH2CHO. Dit is een vloeistof met een sterke geur van hyacinten, die wordt gebruikt voor de vervaardiging van kunstmatige reukstoffen.

B. Aldehydealcoholen, aldehyde-ethers, aldehydefenolen en aldehyden met andere zuurstofhoudende groepen

Aldehydealcoholen zijn verbindingen die zowel een aldehydegroep als een alcoholgroep bevatten.
Aldehyde-ethers zijn verbindingen die zowel een ethergroep als een aldehydegroep, -CHO, bevatten.
Aldehydefenolen zijn verbindingen die zowel een fenolische hydroxylgroep, C6H5OH, als een aldehydegroep, -CHO, bezitten.
De belangrijkste aldehydealcoholen, aldehydefenolen en aldehyde-ethers zijn:

1. aldol, CH3CH(OH)CH2CHO. Dit wordt verkregen door aldolcondensatie van aceetaldehyde. Het is een kleurloze vloeistof, die bij bewaring polymeriseert tot een kristallijne massa, genaamd paraäldol. Aldol wordt gebruikt voor organische synthese, voor de vervaardiging van kunststoffen en voor ertsflotatie;

2. hydroxycitronellal, C10H20O2. Dit is een enigszins stroperige, kleurloze vloeistof met een sterke geur van lelietjes van dalen. Het wordt als fixeermiddel bij de vervaardiging van kunstmatige reukstoffen gebruikt;

3. glycolaldehyde, HOCH2CHO. Dit kristalliseert in kleurloze naalden;

4. vanilline (4-hydroxy-3-methoxybenzaldehyde). Dit is een methylether van 3,4-dihydroxybenzaldehyde (protocatechualdehyde); het is een bestanddeel van vanille. De verbinding bestaat uit glanzende naalden of uit een wit kristallijn poeder;

5. ethylvanilline (3-ethoxy-4-hydroxybenzaldehyde). Deze stof bestaat uit fijne witte kristallen;

6. salicylaldehyde (o-hydroxybenzaldehyde) HOC6H4CHO. Dit is een kleurloze olieachtige vloeistof met de karakteristieke geur van bittere-amandelolie. Zij wordt gebruikt voor de vervaardiging van kunstmatige reukstoffen;

7. 3,4-dihydroxybenzaldehyde (protocatechualdehyde), (HO)2C6H3CHO. Dit komt voor in glanzende kleurloze naaldvormige kristallen;

8. anijsaldehyde (p-methoxybenzaldehyde), CH3OC6H4CHO. Dit product is een bestanddeel van anijsolie en venkelolie. Het is een kleurloze vloeistof en wordt gebruikt in de reukwerkindustrie, vaak onder de naam aubepine.

C. Cyclische polymeren van aldehyden

1. Trioxaan (trioxymethyleen). Dit is een vast polymeer van formaldehyde; het komt voor als een witte kristallijne stof, oplosbaar in water, alcohol of ether;

2. paraldehyde. Dit is een polymeer van ethanal, een kleurloze, gemakkelijk ontvlambare vloeistof met een aangename etherachtige geur. Het wordt gebruikt voor organische synthese, als slaapmiddel, als ontsmettingsmiddel in de geneeskunde, enz.;

3. metaldehyde. Dit is eveneens een polymeer van ethanal; het is een wit kristallijn poeder, dat onoplosbaar is in water. Post 29.12 omvat alleen metaldehyde in de vorm van kristallen of poeder. Metaldehyde in de vorm van tabletten, in staafjes of in dergelijke vormen die wijzen op het gebruik daarvan als brandstof, moet worden ingedeeld onder post 36.06 (zie Aantekening 2 a IDR op hoofdstuk 36).

D. Paraformaldehyde

Dit polymeer, HO(CH2O)nH, wordt verkregen door het uitdampen van een waterige oplossing van formaldehyde. Het is een vaste, witte, vlokkerige of poedervormige stof met een uitgesproken geur van formaldehyde. Het wordt gebruikt bij de vervaardiging van kunststoffen, van waterbestendige lijmsoorten en van farmaceutische producten, alsmede als desinfecteermiddel en conserveringsmiddel.

Aldehyde-bisulfietverbindingen worden ingedeeld als sulfoderivaten van alcoholen (posten 29.05 tot en met 29.11).

4
Jurisprudentie

Een waterige oplossing verkregen door thermische ontbinding van dextrose en die onder meer bestaat uit aldehyden en in water oplosbare ketonen, en waarvan de eventuele voedingsvoorwaarde van deze oplossing bijkomstig is ten opzichte van de functie ervan als chemisch product en levensmiddelenadditief, moet onder post 38.24 worden ingedeeld.
Dit product wordt in de levensmiddelenindustrie gebruikt als kleurstof of rookaroma en bevat minder dan 1% glucose en sacharose, wat neerkomt op een suikergehalte in droge toestand van minder dan 1,6 gewichtspercenten.
Wat de uitlegging van onderverdeling 2912 4900 betreft, preciseert Aantekening 1 a en d IDR op hoofdstuk 29 dat de posten van dat hoofdstuk, voor zover uit de context niet het tegendeel blijkt, uitsluitend betrekking hebben op ‘geïsoleerde chemisch welbepaalde organische verbindingen, ook indien zij onzuiverheden bevatten’, alsmede de waterige oplossingen ervan. Wat meer in het bijzonder post 29.12 betreft, deze ziet op ‘aldehyden, ook indien met andere zuurstofhoudende groepen’, ‘cyclische polymeren van aldehyden’ en ‘paraformaldehyde’. Tot de onder deze post vallende producten behoren met name de onder onderverdeling 2912 4900 vallende ‘andere’ aldehydealcoholen, aldehyde-ethers, aldehydefenolen en aldehyden met andere zuurstofhoudende groepen.
In casu blijkt dat het in het hoofdgeding aan de orde zijnde product in droge toestand naast 73,6 gewichtspercenten acetaldehydehydroxide, ook andere aldehyden, levoglucosan, hydroxyacetone en acetylzuur bevat, die in droge toestand 26,3 gewichtspercenten uitmaken.
Voor zover het in het hoofdgeding aan de orde zijnde product naast water andere stoffen dan acetaldehydehydroxide bevat, hetgeen de verwijzende rechter dient na te gaan, is het geen waterige oplossing van een stof die bestaat uit één soort molecule waarvan de samenstelling wordt bepaald door een vaste verhouding tussen de elementen en die kan worden weergegeven met één enkel structuurdiagram in de zin van hoofdstuk 29. Deze andere stoffen, die in niet onaanzienlijke hoeveelheden aanwezig zijn in het in het hoofdgeding aan de orde zijnde product, kunnen geen ‘onzuiverheden’ in de zin van de toelichting IDR op Aantekening 1 IDR op hoofdstuk 29 vormen.
Volgens Aantekening 1 IDR op hoofdstuk 29 mogen in de producten die onder dat hoofdstuk vallen weliswaar onzuiverheden voorkomen, doch deze hebben noodzakelijkerwijs een residueel karakter zodat zij niet afdoen aan het ‘geïsoleerde’ voorkomen van de betrokken organische verbinding. Een product dat uit het vervaardigingsproces resulterende onzuiverheden bevat die het geschikt maken voor bijzondere toepassingen die verschillen van het algemene gebruik ervan, kan daarentegen niet meer als ‘geïsoleerd’ in de zin van Aantekening 1 a IDR op hoofdstuk 29 worden beschouwd, aangezien dergelijke onzuiverheden beslissend zijn voor het gebruik ervan. Bijgevolg moet onderverdeling 2912 4900 aldus worden uitgelegd dat een product waarin andere stoffen dan acetaldehydehydroxide in niet onaanzienlijke hoeveelheden aanwezig zijn en waarvan sommige doelbewust in dit product zijn gelaten om het geschikt te maken voor een specifiek gebruik, als waterige oplossing van een geïsoleerde chemische welbepaalde verbinding, niet onder deze onderverdeling valt. Zie HvJ 3 juni 2021, nr. C-822/19, in aant. 4 op post 38.24.