Hoge Raad wijst arrest na beantwoording prejudiciële vragen over heffing aanvullende rechten bij invoer pluimveevlees

De Hoge Raad heeft op 10 juli 2020 arrest gewezen in de zaak onder nummer 15/05977
bis

met betrekking tot aanvullende invoerrechten voor ingevoerd pluimveevlees op de
communautaire markt dat met verlies is doorverkocht onder de representatieve prijs.
Voor het geval de in de douaneaangiften opgegeven cif-invoerprijzen niet juist zijn
en daarom voor de heffing van aanvullende rechten buiten beschouwing moeten worden
gelaten, volgt uit het arrest van het Hof van Justitie dat de verschuldigde
aanvullende rechten niet mogen worden berekend op basis van de representatieve prijs
van pluimveevlees in de betrokken periode, maar dat de cif-invoerprijzen van het door
belanghebbende ingevoerde pluimveevlees opnieuw moeten worden vastgesteld volgens de
in het Communautair douanewetboek neergelegde regeling inzake de douanewaarde van
goederen.