Jurisprudentie

  • Het Gerechtshof Amsterdam heeft in de zaken 20/00202 tot en met 20/00207 op 11 januari 2022 geoordeeld dat in een geschil in hoeverre de UTB’s terecht aan belanghebbenden zijn uitgereikt. Meer in het bijzonder is in geschil of een geldig Formulier A vereist is voor het verkrijgen van het preferentieel tarief en, zo ja, of aan dit vereiste is voldaan. Nu belanghebbenden geen geldige Formulieren A hebben overgelegd bij hun aangiften is er naar aanleiding van die aangiften, anders dan belanghebbenden betogen, telkenmale een douaneschuld ontstaan.

  • Het Gerechtshof Amsterdam heeft op 11 januari 2022 ter zake van verzoeken om terugbetaling in zaaknummer 20/00201 geoordeeld in een geschil of belanghebbende recht heeft op terugbetaling. Meer in het bijzonder is in geschil of een geldig Formulier A vereist is voor het verkrijgen van het preferentieel tarief en, zo ja, of aan dit vereiste is voldaan. Daarnaast houdt partijen verdeeld of de inspecteur in zijn uitspraak op het tegen de terugbetalingsbeschikking gerichte bezwaar tevens had moeten beoordelen of aanleiding bestond voor een terugbetaling van de verschuldigde rechten op grond van ‘bijzondere omstandigheden’ als bedoeld in Douanewetboek van de Unie. Ook het Hof Amsterdam oordeelt dat verweerder het verzoek om terugbetaling terecht heeft afgewezen. Het beroep dienen derhalve ongegrond te worden verklaard.

  • De rechtbank Noord-Holland heeft betreffende de indeling en een verzoek tot terugbetaling voor een zogenoemde 'led rabbit' geoordeeld dat dit artikel niet uitsluitend is ontworpen, vervaardigd en te herkennen als feestartikel. Er is door belanghebbende niet aannemelijk gemaakt dat invoerrechten zijn betaald, die niet verschuldigd waren. Het Gerechtshof Amsterdam heeft op 25 januari 2022 in zaaknummer 21/00093 geoordeeld dat er bij de indeling van beeldjes en andere versieringsvoorwerpen geen sprake van een verlichtingstoestel, paasartikel of speelgoed en bevestigt de uitspraak van de rechtbank.

  • Bij Uitvoeringsverordening (EU) 2022/191 van 16 februari 2022 (PbEU L 36 van 17 februari 2022) heeft de Commissie de instelling bekend gemaakt van een definitief antidumpingrecht op bepaalde soorten ijzeren of stalen bevestigingsmiddelen van oorsprong uit de Volksrepubliek China.

  • Het Gerechtshof Amsterdam heeft op 11 januari 2022 in de zaaknummers 20/00194 tot en met 20/00200 geoordeeld ter zake van een verzoek terugbetaling douanerechten in verband met een bijzondere situatie. De Europese Unie heeft de begunstiging van goederen van oorsprong uit APS-landen afhankelijk gesteld van een aantal voorwaarden, waaronder de verplichting om bij de aangifte voor het vrije verkeer in de Europese Unie een geldig Formulier A over te leggen. Indien, zoals in casu het geval is, geen geldig Formulier A is overgelegd, kan niet met vrucht aanspraak worden gemaakt op het preferentiële tarief, ook niet met een beroep op artikel 239 van het CDW.