Jurisprudentie

  • In het onderhavige geding gaat om de vraag of gaas voor de vervaardiging van opbergnetten en een zogenaamde „stoelbescherming” kunnen worden aangemerkt als delen van een autostoel als bedoeld in hoofdstuk 94.

  • De Europese Commissie heeft bij Uitvoeringsverordening 2021/1367 de indeling in de Gecombineerde Nomenclatuur vastgesteld van een vierwielig voertuig aangedreven door een op twee oplaadbare accu’s. Het voertuig is een speciaal type voertuig voor personenvervoer en moet daarom worden ingedeeld onder GN-code 8703 10 18 als motorvoertuigen hoofdzakelijk ontworpen voor personenvervoer, soortgelijk aan speciale voertuigen voor het vervoer van personen op golfvelden. Op 10 november 2021 is beroep ingesteld waarbij de verzoekende partijen deze uitvoeringsverordening in haar geheel nietig verklaren willen doen laten met ingang van de datum waarop zij van kracht werd.

  • De rechtbank Noord-Holland heeft steenpapier, dat bestaat uit steenpoeder, kunststof en een coating en is dus samengesteld uit verschillende stoffen, ingedeeld in GS-post 39.21. .Het Gerechtshof Amsterdam heeft op 30 november 2021 in de zaak 20/00626 geoordeeld dat steenpapier echter moet worden ingedeeld in GS-post 39.20. De omstandigheid dat het Hof tot een andere indeling komt dat de rechtbank die het steenpapier indeelde onder post 39.21, leidt niet tot gegrondverklaring van het hoger beroep, omdat voor de posten 39.20 en 39.21 hetzelfde tarief (6,5%) van toepassing is.

  • De rechtbank Noord-Holland heeft op 16 december 2021 uitspraak gedaan in de zaak onder nummer 17/4770 betreffende een geschil dat ziet op de niet-preferentiële oorsprong van rijwielen. De inspecteur is geslaagd in de op hem rustende bewijslast dat de ingevoerde rijwielen van Chinese oorsprong zijn. Hieruit volgt dat de antidumpingrechten terecht zijn nagevorderd en dit betekent dat het beroep ongegrond dient te worden verklaard.

  • De rechtbank Noord-Holland heeft op 16 december 2021 uitspraak gedaan in de zaak onder nummer 17/4771 betreffende een geschil dat ziet op de niet-preferentiële oorsprong van rijwielen. De inspecteur is geslaagd in de op hem rustende bewijslast dat de ingevoerde rijwielen van Chinese niet-preferentiële oorsprong zijn. De rechtbank komt tot het oordeel dat de antidumpingrechten terecht zijn nagevorderd en dit betekent dat het beroep ongegrond dient te worden verklaard.