Prejudiciële vragen met betrekking vergunning bijzondere bestemming

In de zaak C-825/19 Beeren-, Wild, Feinfrucht betreft het de verlening van een
vergunning met terugwerkende kracht voor een bijzondere bestemming en de vraag welke
Unieregeling in het hoofdgeding hierop van toepassing is – verordening (EU) nr.
952/2013 of verordening (EEG) nr. 2454/93 – en welke voorwaarden de toepasselijke
Unieregeling in voorkomend geval aan de verlening van een vergunning stelt.